K-SEA Diving club bestaat alweer 5 jaar. Tijd voor een diepte-interview met onze voorzitter.
Kees was altijd al een waterrat. Op zijn 4e jaar is hij begonnen met zwemmen en haalde diploma's A,B,C en reddend zwemmen 1 t/m4.
Toen hij 6 was ging hij waterpolo-en. In datzelfde jaar, op een vakantie in het voormalige Joegoslavië, maakte Kees voor het eerst kennis met de onderwaterwereld. Hij had een duikbrilletje meegenomen en ging snorkelen. Het was liefde op het eerste gezicht. Iedere vakantie lag Kees met snorkeluitrusting te dobberen in het water. Toen hij 15 werd en oud genoeg was om te duiken, werd hij lid van jeugdduikvereniging “Flipper” in Den Bosch. Daar haalde hij zijn eerste ster van de NOB. Ook werd Kees er voorgesteld aan “onze Nattigheid” Neptunus. Ze werden vrienden voor het leven en dankzij die ontmoeting komt hij nog regelmatig bij K-SEA Diving club op bezoek. Ome Jan was inmiddels ook gaan duiken en met hem ging Kees naar duikvereniging “Rosmare” in Rosmalen (NOB). Eerst werd gedoken met de uitrusting van de vereniging, maar Kees wilde een eigen set en had geen geld. Dus tikte hij ergens twee 2e hands cilinders op de kop. Tijdens het vakantiewerk draaide hij een brug om een dubbele set te maken. Een 2e hands ademautomaat erop en Kees z'n eerste eigen set was compleet, homemade.
In die jaren dook Kees alleen in Nederland. Met Ome Jan werden de Zeeuwse wateren verkend. Er was toen nog geen duikgids van Zeeland dus ze gingen gewoon te water. Als ze bij de Nieuwe Kerkweg wilden duiken, moesten ze een trapje fabriceren om met volle uitrusting over de dijk heen te komen. Maar bij Den Osse, waar Astrid 2 jaar geleden haar enkel verzwikte, reden ze met de auto tot aan de pier terwijl we nu eindeloos moeten klunen met onze uitrusting op de rug. Andere duikers kwamen ze nooit tegen. Dat waren nog eens tijden. Nu kun je er over de duikers lopen, destijds kon je over de vis lopen. Hoewel de visstand wel beter geworden is. Toen zat er nog bijna geen kreeft in de Grevelingen en nu struikel je erover. Alleen de Nieuwe Kerkweg was toen wel mooier begroeid, nu is alles stuk getrapt.
Vervolgens moest Kees in dienst. Hij stuurde een brief naar defensie dat hij graag duiker wilde worden. En dat lukte. In 1986 werd hij opgeroepen bij de Genie. Daar aangekomen bleek dat je eerst nog door een strenge selectieprocedure moest. “Als ik dat geweten had, had ik de gok nooit genomen.” Twee dagen psychologisch onderzoek, 1 dag medische keuring en een duiktest. De duikers werden extra afgeknepen. Op 1 ademteug moest in het zwembad de snorkelset bij elkaar gezocht worden en goed worden aangetrokken. Maar hij kwam erdoor.
Er volgde 8 weken afzien in Hedel bij de opleiding tot onderwaterverkenner. Kilometers zwemmen, de hele dag in droogpak, 4 duiken per dag en alle verplaatsing in looppas met de uitrusting op de rug.
Maar het beviel zo goed dat hij nog 2 jaar bijtekende. De Genie ondersteunde opleidingen en deed klussen voor politie door hele land, zoals moordwapens en lijken zoeken.
Zo heeft hij in de Utrechtse grachten gedoken tussen de fietsen, koelkasten en kerstbomen inclusief versiering op zoek naar een moordwapen. Het was inktzwart en goor. “Ondanks een droogpak kreeg je toch een zwarte rug, want die derrie kroop door de seals heen. En je stonk nog een hele week naar de gracht”. Smeerkees!
Maar Kees vond het zo leuk dat hij besloot beroepsmilitair te worden. Na de opleiding werd hij gestationneerd in Duitsland voor de “verplichte nummertjes” (groepscommandant en plaatsvervangend pelotoncommandant) en werd hij opgeleid tot instructeur duiker bij genie.
De eerste buitenlandduiken waren in de Rode Zee in 1989 met Manuel, die hij nog kende uit de beroepsopleiding. Manuel had in zijn diensttijd in de Sinaï gezeten en had daar in zijn vrije tijd op een duikschool gewerkt. Het vliegtuig werd geboekt, en de duikspullen en een tentje in de rugzag gegooid. Ze stonden in Sharm el Sheik met hun tentje op een camping aan het water. Er stonden toen nog maar twee hotels aan de baai. Nu is de camping verdwenen en staan er vele superdeluxe hotels. Ze hadden een bedoeïne ingehuurd die hen elke dag kwam ophalen. Hij droeg de duikspullen overal naartoe en als ze uit het water kwamen stond de thee klaar. Manuel wist alle duikstekken en samen doken ze vanaf de kant. Het verlangen naar een eigen duikschool begon te kriebelen.
En toen kwam in 1991 Karin ten tonele tijdens en vrouwenweekend voor de vrouwen van de Genie. De vrouwen zouden een weekend worden “gedrilled” en werden daarvoor in 2 “geniegroepen” verdeeld. Kees was de commandant van de groep waar Karin in zat. De dames moesten roeien, maar dat ging niet geweldig. Dus Kees, hoffelijk als hij is, roeide zich een ongeluk voorop de boot. Hij werd gedoopt tot boegbeeld van de groep.
Later werd Kees lid van duikvereniging de Zeester in Duitsland. Dat was de tweede kennismaking, want Karin was ook lid. De duikreis naar Spanje met de bus heeft Kees voornamelijk staand in het pad doorgebracht, kletsend met Karin.
Aldaar aangekomen ging Karin duiken met een van de andere leden. Plots voelde ze een kneep in haar bil. Ze verschoot omdat ze dacht dat het de octopus was die ze net hadden zitten zieken. Maar het was een “Keesvis”. |
Karin was toen nog niet zo happy onder water. Kees bood aan een keer samen met haar te gaan duiken. Ze bleven zo lang weg dat er al bijna een zoekactie werd gestart. Maar gelukkig kwamen ze heelhuids weer thuis.
De Zeelandweekenden van de Zeester waren ook memorabel: omkleden in boogtent op de camping, uitrusting om, in de 4-tonner naar de duikstek, auto open en er sprongen 25 opgetuigde duikers uit. Na de duik in omgekeerde volgorde weer terug. De boogtenten bevielen zo goed dat we ze erin hebben gehouden. Traditioneel worden die nog elk zeelandweekend opgesteld. Karin ging ook altijd mee met de uitstapjes van de genie, en Kees bood zich altijd vrijwillig aan om Karin te halen en brengen. “Toen is de ellende echt begonnen” , en gingen ze samen wonen. In 1994 verhuisden ze weer naar Nederland, naar een nieuwbouwhuis in Helmond. Karin werd uitgezonden naar Rwanda. Na de terugvlucht bleef het vliegtuig heel lang taxiën. Er kwam een crashtender langszij. Karin keek verbaasd uit het raampje. “Wat moet die auto nou hier?” Voorop stond Kees in een smoking met een grote bos rozen en met een spandoek van 3x6m. “Karin wil je met me trouwen”, stond erop. Daarmee haalden ze de voorpagina van de Telegraaf en de 5-uur show. In datzelfde jaar richtte Kees met een paar vrienden duikvereniging Scuba-Jones op. Om instructeur te worden van de IADS hoefde hij alleen een proefexamen te doen. Maar er was geen lesmateriaal, geen boeken, helemaal niets. Dus kostte het veel tijd om lessen voor te bereiden. In 1996 kwam Kees in contact met IDD. Die hadden alles op de plank liggen. Scuba-Jones was inmiddels ter ziele. Om IDD-instructeur te worden moest Kees de volledige opleiding doen van 2 weken maar toen was de weg vrij en richtte hij met Karin K-SEA Diving duikschool op.

Ze gaven cursussen, organiseerden duikweekenden en duikreizen. Het eerste zeelandweekend met K-sea diving duikschool stonden ze met bungalowtenten achter bij een boer. Als het hard waaide hing iedereen aan de stokken om de tenten overeind te houden. Inmiddels woonden Kees en Karin aan de Bruhezerweg. De motor stond in de woonkamer omdat er geen plek was in de schuur. Daar zat namelijk de duikwinkel met een barretje, en erachter een leslokaal waar ook de compressor stond. Dat schuurtje is inmiddels vakkundig gesloopt door Bart met z'n kraan. De eerste duikreis met K-SEA Diving duikschool was Kroatie in 1996. Daarna zouden nog vele volgen naar Spanje en Egypte. Verder gingen ze ieder weekend duiken met de duikschool voor instructieduiken en vrije duiken. Door de aangroei van leden, duikopleidingen en vrije duiken werd de druk op Kees groter. Daarom werd in 1999 de K-SEA Diving club opgericht. Zo kon er het een en ander aan leden en bestuursleden worden uitbesteed. En de leden konden met elkaar vrije duiken maken. Oprichters van de K-SEA Divingclub waren Kees van Bockel, Freek Strauven, Robert Hondebrink, Anton Tewierike en Peter Mevissen, die dus bijna 5 jaar bestuurslid is geweest. De organisatie van weekenden, cursussen en doedagen werden door de duikclub gedaan. De egypte-vakanties bleven onder de noemer van de duikschool. De club groeide gestaag en de ruimte van de duikschool werd te klein voor het aantal leden. Dus stelde Hanny haar schuur beschikbaar voor feesten en partijen. Inmiddels is de schuur al 2,5 jaar ons officiële clubhuis en heet sinds 1,5 jaar het Bovenwaterhuisje. Het is in het afgelopen jaar wat opgeknapt en mede dankzij Frank voorzien van een bar en kastjes. In de jaren dat K-SEA Diving school bestaat zijn ruim 80 mensen door Kees opgeleid, varierend van alleen open water brevet tot aan dive-masters en instructeur. De jongste cursist was 12 en de oudste 67 jaar.

Er zijn inmiddels heel wat leuke anekdotes te vermelden van de verschillende evenementen en vakanties. Zo zal Suus van Frank haar eerste duik in Egypte nooit vergeten. Helemaal over stuur kwam ze boven. Het duurde even voordat duidelijk was wat er aan de hand was. Niets met het duiken, ze was haar trouwring verloren. In Kroatie werden de eerste duiken gemaakt vanaf een omgebouwde reddingssloep. Tijdens één van de duiken sloeg het weer om. Vanwege de golven moest de boot eerst kilometers de verkeerde kant op om in de luwte van een eiland te draaien. Iedereen zag groen en geel van ellende. En gelachen dat we hebben…. Bij de “live-aboards” in Egypte is het altijd weer een sport wie het eerste de visjes gaat voeren. Vorig jaar viel die eer te beurt aan Gerrie, dit jaar was het Miriam, op de voet gevolgd door Bart (sympathie-kotsen zullen we maar zeggen). Het grootste deel van de club gaat ook dit jaar weer mee op duikvakantie, en we kijken al uit naar de nieuwe sterke verhalen. |